Home Contact Verzendkosten Betaalmogelijkheden Verkooppunten Nieuwsbrief Help Afrekenen  
 
 
Winkelwagen
Aantal Product
Zoek:

Producten
Speeldoos Wilhelmus
Speeldoosjes Groningen
Speeldoosjes Twente
Extra
Contact
Verzendkosten
Inpakservice
Betaalmogelijkheden
Voorwaarden
Verkooppunten
Media
Relatiegeschenk
Nieuwsbrief
Help
Luisterpagina
Liedteksten
Brochure/folder

  Info  
   

Liedteksten




Grunnens Laid

Van Lauwerszee tot Dollard tou, 
van Drenthe tot aan ‘t Wad, 
doar gruit, doar bluit ain wonderlaand,
rondom ain wondre stad.
Ain pronkjewail in golden raand 
is Grunnen, Stad en Ommelaand; 
ain pronkjewail in golden raand 
is Stad en Ommelaand!

Doar broest de zee, doar hoelt de wind, 
doar soest 't aan diek en wad, 
mor rusteg waarkt en wuilt het volk, 
het volk van Loug en Stad.
Ain pronkjewail in golden raand 
is Grunnen, Stad en Ommelaand;
Ain pronkjewail in golden raand 
is Stad en Ommelaand!

Doar woont de dege degelkhaid, 
de wille, vast as stoal.
Doar vuilt het haart, wat tonge sprekt, 
in richt- en slichte toal. 
Ain pronkjewail in golden raand 
is Grunnen, Stad en Ommelaand; 
Ain pronkjewail in golden raand 
is Stad en Ommelaand!

Tekst: Geert Teis Pzn. (1919)
Muziek: G.R. Jager







Twentsch Volkslied

Er ligt tusschen Dinkel en Regge een land,
Ons schoone en nijvere Twente.
Het land van den arbeid, het land der natuur,
Het steeds onvolprezene Twente.
Daar golft op de esschen het goudgele graan,
Doet 't snelvlietend beekje het molenrad gaan,
Daar ligt er de heide in 't paarsrode kleed,
Dat is ‘t ons zoo dierbare Twente.

Waar Twickel zijn torens uit 't eikenloof heft,
De Lutte zijn heuvels doet blinken.
De Paaschvuren branden alom nog in ’t rond,
En 't landvolk den kersthoorn laat klinken.
Daar stroomt onze Dinkel zoo heerlijk door ’t land,
Door bosschen en velden, langs 't Lossersche Zand,
Daar rust er ons oog van der heuvelen top,
Op 't heerlijke landschap, ons Twente.

De rookwolk, die stijgt aan den horizon op,
Die wijst ons de nijvere steden.
Met menschen arbeidzaam en degelijk bewoond,
De zetels van 't krachtige heden.
Maar buiten in boerschap, op heide en veld,
Daar wordt nog de sage en 't sprookje verteld,
Daar rust de Tubanter in 't heuvelig graf,
't Verleden naast 't Heden van Twente.

En voert ons het lot ook uit Twente soms weg,
Wij blijven het immer gedenken.
Geen andere landstreek, hoe schoon zij ook zij,
Kan 't zelfde als Twente ons schenken.
Wij drukken elkaar in den vreemde de hand,
Gedenkend ons klein, maar zoo dierbare land,
En moge ons huis in den vreemde ook staan,
Ons hart blijft toch altijd in Twente.

Tekst: J.J. van Deinse




Contact Verzendkosten Betaalmogelijkheden Voorwaarden Help